WIJZIGING NAAR AANLEIDING VAN DE NHG-STANDAARD CVRM (2019)

Nuchtere bloedafname niet meer noodzakelijk:

Volgens de actuele standaard CVRM hoeft de aanvullende laboratoriumdiagnostiek die noodzakelijk is voor de risicoschatting
niet meer te worden bepaald na een bloedafname bij een nuchtere patiënt.
Dit betekent dat de patiënt in principe niet meer nuchter hoeft te worden geprikt.
Bij de afname zullen wij wel vragen of patiënt nuchter is en dit wordt geregistreerd in ons systeem zodat de juiste
referentiewaarden van de glucose kunnen worden gerapporteerd.

Herhaling middels een nuchtere bloedafname is wel noodzakelijk als:
– de triglyceriden > 5 mmol/l zijn
en/of
– de niet nuchtere glucose afwijkend is (normaal 4,0 – 7,7 mmol/l).

Gedifferentieerde streefgrenzen LDL-cholesterol:

Bij de rapportage van de LDL-cholesterol waarde rapporteren wij de referentiewaarden voor de Nederlandse patiëntenpopulatie (1,4 – 4,0 mmol/l).
De streefgrenzen liggen voor CVRM-patiënten met een hoog of zeer hoog risico echter duidelijk lager, namelijk < 2,6 mmol/l.
Bij patiënten jonger dan 71 jaar met een zeer hoog risico en eerder vastgestelde hart- of vaatziekte ligt de streefwaarde nog lager,
namelijk < 1,8 mmol/l.

Aanpassingen in Zorgdomein:

De wijzigingen naar aanleiding van deze standaard zijn ook opgenomen in de inrichting van de aanvraagpakketten in ZorgDomein, namelijk:
1. Risico-inventarisatie CVRM
Cholesterol, HDL-cholesterol en ratio, LDL-cholesterol, triglyceriden (niet nuchter), glucose (niet nuchter), kreatinine (serum) eGFR
en microalbumine in portie urine.

2. Controle behandeling algemeen driejaarlijks:
Microalbumine in urine portie en glucose niet nuchter.

3. Bij aanvang/aanpassing lipiden verlagende medicatie:
LDL-cholesterol.

4. Controle bloeddrukverlagende medicatie (ACE-remmer, ARB en/of diuretica)
Kreatinine (serum) eGFR en natrium/kalium.

5. Diagnostiek familiaire hypercholesterolemie:
ALAT, Cholesterol, HDL-cholesterol, LDL-cholesterol, Triglyceriden (nuchter) gamma GT,
glucose (nuchter), TSH.